Er staan drie identieke pennen naast elkaar. Over een van de pennen zit bij de aanvang van het spel een aantal schijven van afnemende diameter met een gat in het midden als een piramide op elkaar gestapeld. (De grootste schijf ligt onder.)
Het gaat erom de toren van schijven te verplaatsen naar een andere pen, waarbij de volgende regels gelden:
- er mag slechts 1 schijf tegelijk worden verplaatst
- nooit mag een grotere schijf op een kleinere rusten
Om praktische redenen heeft de toren meestal 8 schijfjes, omdat dit aantal binnen een minuut of 6 op te lossen is. Ieder schijfje meer verdubbelt de minimale oplostijd.

Het spel is uitgevonden door de Franse wiskundige Edouard Lucas in 1883. Er is een legende over een hindoe-tempel waarvan de priesters, de Brahmanen, zich bezighouden met het verplaatsen van een toren van 64 gouden schijven. Volgens de legende komt de wereld tot een einde als het werk af is. Het is niet duidelijk of Lucas deze legende bedacht heeft of er alleen door is geïnspireerd.
Aannemend dat de priesters 1 schijf per seconde zouden verplaatsen, zou het ongeveer 264 – 1, is ongeveer 1,8×1019 seconden duren de puzzel af te maken. Dit komt overeen met ongeveer 580.000.000.000 jaar, ruwweg veertig maal langer dan de geschatte leeftijd van het universum.
Bron: Wikipedia.nl
Ook interessant voor jou: